menu

Moeder van het huis

Het verhaal van mevrouw De Kok als voormalig bewoonster en conciërge

In de tijd dat Villa Bottesteijn een gemeentehuis was, werd het 22 jaar bewoond door de familie De Kok. Mevrouw De Kok is inmiddels 82, maar kijkt nog met plezier terug op deze bijzondere tijd. Via haar man, die bij de afdeling Financiën werkte, werd zij gevraagd om conciërge te worden van het pand. Alhoewel het nog niet zo gebruikelijk was in die tijd dat een vrouw met een gezin werkte, heeft zij de kans met 2 handen aangegrepen. Mevrouw De Kok zag zichzelf soms als de moeder van het huis. Zij zorgde voor het huis, de medewerker en de bezoekers. Een trouwjurk die stuk was op het laatste moment repareren, mevrouw De Kok draaide haar hand er niet voor om. Haar zoon en pleegdochter zijn opgegroeid in het pand. Dat betekende dat zij al snel leerden dat ze niet rond mochten rennen als er getrouwd werd of een vergadering was. Haar zoon vond het ook fantastisch om te helpen en zodra hij dienbladen kon tillen, bracht hij ook de koffie rond. Met de huidige social media vervagen grenzen tussen werk en privé wel eens maar voor mevrouw De Kok was dit ook regelmatig een uitdaging met het werk zo dichtbij. Met een glimlach vertelt ze dat ze de grens heeft getrokken bij het vergaderen op zondag. Op de vraag wat haar nog bij staat geeft mevrouw De Kok aan dat vooraf mensen tegen haar zeiden dat de burgemeester wel een beetje kon mopperen. Haar omgeving dacht dat een kind van 1 ½ wel wat spanning kon geven. Het tegendeel was waar, de burgemeester omarmde de zorg en huiselijkheid van mevrouw De Kok en haar gezin.